Het orgel is in 1969 gebouwd door de Firma J. de Koff uit Utrecht, onder advies van Piet van Amstel, de toenmalige organist van de Oude Kerk in Delft. Het werd op 22 augustus 1969 in gebruik genomen en door hem ook ingespeeld.

Zowel het kerkgebouw als de firma bestaan niet meer. In
2001 is de (Nederlands Hervormde) Maranathakerk afgebrand,
vlak nadat het orgel door de firma Flentrop was gedemonteerd
en bij de firma Hendriksen en Reitsma te Nunspeet
was opgeslagen. Deze firma heeft ook de opbouw in de
nieuwe kerk en de overige werkzaamheden uitgevoerd.
Enkele technische kenmerken
Het is een mechanisch sleepladeorgel. Alle werken hebben aparte lades, met een verende bodem als windvoorziening. Elk werk heeft een eigen regulateur voor de windvoorziening, de kanalen zijn uitgevoerd d.m.v. Westaflex slangen. De cancellen van de lade zijn in het speciale De-Koffsysteem uitgevoerd, om overspraak te voorkomen. De lichtmetalen speelmechaniek is waarschijnlijk afkomstig van de firma Laukuff of Heuss. De orgelkas is uitgevoerd in Oregon-pine en was in de loop van de tijd wat vaal geworden, en is nu door eigen gemeenteleden overgeschilderd in een witte kleur. Het instrument was goed onderhouden en verkeerde in prima staat. De mechaniek moest wel nagelopen worden en opnieuw afgeregeld en is op speling bekeken. Ook is het pijpwerk schoongemaakt en waar nodig hersteld. De oorspronkelijke tremulanten zijn vervangen door pneumatische druktremulanten, want die hebben een veel betere werking.
Omdat de taak van de organist en het orgel toch hoofdzakelijk het begeleiden van de gemeente zang is zijn er in overleg met adviseur en orgelmaker enkele dispositiewijzigingen aangebracht. De Gemshoorn 2' en Octaaf 2' zijn van plaats verwisseld. Zo krijgt het Hoofdwerk een volledig prestantenplenum en het Rugwerk een compleet fluitenkoor.
Deze omwisseling voorkomt ook stemmingsproblemen met de Gemshoorn bij gebruik in het plenum van het Hoofdwerk. De Octaaf 4' heeft in de discant wat nieuwe pijpen gekregen om een wat wijder mensuur te verkrijgen.
Er is een nieuwe Cornet III bij gekomen, een bijzondere verrijking voor het spelen van een uitkomende stem bij het begeleiden. Het Rugwerk is verrijkt met een Nasard 3'; niet alleen een ensembleregister maar ook goed te gebruiken als solostem. De Mixtuur en de Scherp zijn wat zachter gemaakt om de scherpte wat weg te nemen. De Trompet en de Fagot zijn opnieuw beleerd om een meer grondtoniger klank te krijgen.
Arie Goud |